Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!
Nederland wil van de loting af voor opleidingen met een numerus fixus. De loting vervangen door een toelatingsexamen zou ertoe moeten leiden dat studenten beter matchen met de opleiding en dus grotere kans hebben om af te studeren. Wie kan daar nu tegen zijn?

De toegang tot hoger onderwijs in Vlaanderen is vergeleken met Nederland verrassend open. Het middelbaar onderwijs is er ook opgedeeld in verschillende niveaus, gelijkaardig aan het vmbo-, havo- en vwo-systeem, met het verschil dat alle middelbareschoolrichtingen in Vlaanderen zes jaar duren. Er is geen centraal schriftelijk eindexamen en alle richtingen geven toegang tot universitaire studies.

Toelatingsproef
Door dat systeem is het beginniveau in de collegebanken erg divers. De roep om selectie aan de poort voor alle studies is de afgelopen vijf jaar steeds luider gaan klinken. Een toelatingsproef invoeren is door de ruime toegang in Vlaanderen logischer dan in Nederland. Een vwo-diploma zou op zich een garantie moeten zijn voor je competentie als student. In Vlaanderen kun je je met het equivalent van een vmbo-diploma ook inschrijven voor universitaire studies. Je slagingskansen zijn dan gemiddeld echter wel veel lager.

Selectie aan de poort is een motie van wantrouwen voor het middelbaar onderwijs. Impliciet zeg je dat het eindcijfer op je diploma niets zegt en dat een aparte test nodig is om te bewijzen dat je competent genoeg bent om te gaan studeren. Omdat te voorkomen zou ereen langverwachte en grootschalige hervorming van het secundair onderwijs in Vlaanderen komen. Die heeft uiteindelijk echter nauwelijks (lees: niet) heeft plaatsgevonden. Door die mislukte onderwijsvernieuwing neemt de roep om selectie aan de poort alleen maar toe.

Een tweede kans
Selectie aan de poort is ook een middel om ongelijkheid te versterken. Vorig jaar bijvoorbeeld concludeerden Brusselse onderzoekers dat de slaagkansen voor de toelatingsproef voor arts en tandarts sociaal ongelijk zijn verdeeld. De toets zou jongens significant bevoordelen boven meisjes.

Onderwijs gaat om kansen geven. Helaas is een kans om te slagen ook een kans om te falen. Dat risico hoort er nou eenmaal bij. Hoog- en laagopgeleiden komen elkaar nu al steeds minder tegen. Als we als maatschappij de moed niet hebben om te blijven streven naar toegankelijk hoger onderwijs zal deze trend zich enkel nog versterken. Mensen verdienen kansen. En ook tweede kansen.

Een van mijn beste vrienden zat op het Vlaamse equivalent van een technische vmbo-school en ging naar de universiteit. Het studeren ging hem niet gemakkelijk af dus stopte hij. In de statistieken is hij 'laag-opgeleid', maar na zijn werk als postbode leest hij Tolstoj en Homerus. Werken die hij zonder de universiteit misschien nooit had gekend en zeker niet had gelezen. Hij heeft misschien geen diploma, maar de opleiding heeft hem wel kennis opgeleverd. Dat is geen weggegooid geld, maar van onschatbare waarde. Inmiddels is hij overigens weer begonnen met een opleiding. Klaar om dit keer wel te slagen.