Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!
Op 2 april overleed de Vlaamse oud-minister Steve Stevaert. Op de dag dat hij zichzelf om het leven bracht, was uitgelekt dat hij verdacht werd in een verkrachtingszaak. De vermissing en dood van Stevaert maakten veel los: de politicus was als minister populair omdat hij ‘ingewikkelde zaken eenvoudig kon uitleggen’.

Maar niet alleen het lot van Stevaert schokte Vlaanderen. Ook een ongepaste tweet van een supermarktmanager van Delhaize over Stevaerts overlijden veroorzaakte een relletje. En toen kwam er dus die facebookpost van Willem Elias, decaan van de faculteit Psychologie en Educatiewetenschappen van de Vrije Universiteit in Brussel.

Elias schreef dat de vrouw ‘die deze beslissing op haar geweten heeft’ meteen aangifte had moeten doen van verkrachting en niet drie jaar na de feiten. Ook vond Elias ‘slachtoffers die door een chauffeur werden afgezet, zeldzaam’. De Facebookpost ging viraal op Twitter.

'Dit speelde eerder'
De universiteit distantieerde zich van Elias’ uitspraken en berispte hem daags nadien formeel. Bovendien kondigde de universiteit ‘verder onderzoek’ aan. Elias maakte zijn excuses.

Maar toen de geest uit de fles was, kreeg de VUB hem er niet meer in. Nog steeds dringen er mensen aan op het ontslag van de decaan.  (Oud-)studenten kwamen met verhalen naar buiten over vrouwonvriendelijke opmerkingen van de decaan. Ze waarschuwden: dat je ‘maar beter uit de buurt kon blijven’ op het galabal van de faculteit. Een kort rokje dragen naar een mondeling examen kon je  ook beter vermijden, zeiden verschillende studenten op sociale media.

Zelfs een lid van het Raad van Bestuur van de universiteit beschreef Elias op Twitter als iemand die twintig jaar geleden ook ‘al eens het varken uit kon hangen.’

Elias is niet alleen
Even heel eerlijk: Elias is niet de enige professor over wie dit soort verhalen de ronde doen. Het probleem is dat deze informele klachten zelden formeel worden. Ligt dat aan de machtspositie van de professor? Aan schaamte of angst? Of heerst er een klimaat dat aangifte van seksuele intimidatie niet faciliteert? Ik weet het niet en dus zou de universiteit deze vragen in elk geval moeten meenemen in het aangekondigd onderzoek.

Met insinuaties op Twitter en Facebook zijn de slachtoffers van seksuele intimidatie weinig. Het is tijd dat de waarheid, hoe storend ook, boven water komt.