Eén van de meest gehoorde uitspraken van studenten is: ‘Ik heb faalangst.’ Cognitieve faalangst, wel te verstaan. Zo heb ik het een student nog nooit horen zeggen, maar dat bedoelen ze wel, blijkt vaak na wat doorvragen. Om nog specifieker te zijn: de angst om te falen voor toetsen. Ik ben altijd razend benieuwd waar die 'angst' vandaan komt.
In sommige gevallen heeft het een heldere oorsprong. Stelselmatig gepest worden op de basis- of middelbare school, ouders die het nooit voldoende vinden wat je doet, het in de schaduw staan van een broer of zus. Het zijn enkele voorbeelden die ervoor kunnen zorgen dat studenten aangeven faalangst te hebben. Dit laat diepe groeven achter die vaak leiden tot een gang naar de studentenpsycholoog.
Dit is gelukkig alleen een minderheid. Veel studenten die zeggen faalangst te hebben, bezitten een 'positieve faalangst'. En uit positieve faalangst is veel te winnen. Studenten komen bij mij binnen met een probleem en het is de kunst studenten na het gesprek de deur uit te laten gaan met een nieuwe visie op de werkelijkheid. Faalangst wordt spanning. Spanning wordt gezonde spanning. Gezonde spanning wordt scherpte. Scherpte wordt focus op de toets. Focus op de toets wordt een voldoende. Een voldoende zorgt voor zelfvertrouwen. Zelfvertrouwen zorgt voor vermindering van faalangst bij de volgende toets. BAM! Ik kan het en hoor thuis op het hbo of de universiteit.
Bij zo'n gesprek trek ik mijn trukendoos volledig open om de student voor te bereiden op de eerste toetsweek. Op een whiteboard in klein formaat leg ik uit hoe je een planning maakt, overzicht creëert in je studie en hoe je je voorbereidt op colleges en toetsen. Allemaal om voor het uur u - de toetsweek - klaar te zijn en zonder angst de toetsen in te gaan. Net voor de toetsweek spreek ik ze dan om te kijken of het gelukt is met alle tips en trucs en hoe het staat met de spanning.
Studenten bloeien op als ze merken dat ze op schema liggen, dan zie je het zelfvertrouwen groeien. ‘Heb je nog angst?’ vraag ik dan. (Het woord 'falen' laat ik bewust weg.) ‘Ik vind het wel spannend.’ ‘Dat snap ik, maar je hebt er alles aan gedaan en nu moet het gewoon lukken.’
En dan een mail krijgen van de student die zijn tentamens heeft gehaald! Schiet mij maar lek! Mooier wordt het niet. Dan loop ik de hele dag rond met een dikke vette glimlach op mijn gezicht.